|
|  | | |
Hoofdstuk 16
In het donkerste uur
“Je kan alleen vertrouwen naar de mate dat je Hem liefhebt. En je zult Hem niet liefhebben, omdat je Hem bestudeerd hebt: je zult Hem liefhebben, doordat je Hem hebt aangeraakt – in antwoord op Zijn aanraking...
Pas wanneer je Hem liefhebt, zal je die laatste sprong in het duister maken. “Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest.””
- Brennan Manning in “Lion and Lamb”
Toen de vijand een wig dreef tussen Eva en haar Schepper, had hij op dat ogenblik gewonnen. Alles wat we doen als gevolg van het niet vertrouwen van God en Zijn intenties naar ons toe, voert ons naar een diepere gebondenheid door zonde. Dit geldt zowel voor het zwelgen in onze vleselijke begeerten, als voor het proberen Hem tevreden te stellen.
Hierdoor bewijst een ‘Hem-tevreden-stellen’- kijk op het kruis ons zo’n slechte dienst. Door het kruis als een aanbieding te zien van een “Gratis-Uit-De-Hel-Blijven’-card, in plaats van een uitnodiging tot vriendschap met een genadevolle Vader, beroven we haar van haar kracht. Door ‘misbruik’ te maken van de onzekerheid van mensen over het leven na de dood, kunnen we hen naar voren roepen in de samenkomst om met hen het zondaarsgebed te bidden of hen iets anders vragen te doen, zodat ze er ‘zeker’ van zijn dat ze naar de hemel gaan.
Maar dan begint ons probleem pas. De meesten gaan gewoon verder met de manier waarop ze steeds geleefd hebben, hopende dat ze genoeg hebben gedaan om zich verder geen zorgen te hoeven maken over de hel. Sommigen zullen deel uitmaken van een religieuze groep (gemeente) of een bepaalde activiteit, als blijk van hun oprechtheid jegens God, maar ze zullen er al gauw achterkomen dat de werkelijkheid van Christen zijn, niet aan de verwachtingen beantwoordt. Ze merken, dat ze overspoeld worden door de zonde, zo erg dat ze haar niet kunnen overwinnen, omdat ze Hem niet hebben toegestaan de wortel aan te pakken.
Wil de kracht van het kruis ons leven wezenlijk veranderen, dan moet ze het vertrouwen, dat in Eden werd geschonden, herstellen.
En dat doet ze op een spectaculaire manier.
In de steek gelaten zoon?
”Mijn God, Mijn God, waarom heeft U Mij verlaten?”Misschien zijn dit wel de meest raadselachtige woorden van Jezus aan het kruis, die Hij in Zijn volkomen verlatenheid en wanhoop uitriep. Theologen hebben eeuwen lang met deze woorden geworsteld en geprobeerd erachter te komen wat er op dat moment tussen de Vader en de Zoon plaatsvond.
Was het mogelijk, dat de Getrouwe ontrouw was aan Zijn Zoon? Natuurlijk niet. Zelfs toen Jezus Zijn discipelen vertelde, dat zij allen Hem zouden verlaten, zei Hij dat Hij niet alleen zou zijn, omdat de Vader met Hem was. Ik geloof geen moment dat de Vader de Zoon ooit heeft verlaten. Maar er kan hier een enorm verschil zijn tussen wat God deed en wat Jezus beleefde. Ongetwijfeld voelde Jezus Zich in de steek gelaten, maar dat wil nog niet zeggen, dat Hij dat ook was.
Misschien dat Psalm 22 ons een sleutel geeft, aangezien Jezus dezelfde woorden gebruikte, die David heeft opgeschreven. Lees deze passage eens, waarin David heen en weer geslingerd wordt tussen zijn geborgenheid in Gods liefde en zijn angst dat hij die kwijtgeraakt is:
• “Mijn God, Mijn God, waarom hebt U Mij verlaten?...Nochtans bent U de Heilige, die zit op de troon.”
• “Overdag roep ik tot U, maar U geeft geen antwoord…Nochtans hebben onze vaderen… op U vertrouwd en U hebt ze bevrijd.”
• “Maar ik ben een worm en geen man, veracht door mensen en versmaad door mensen…Nochtans heeft U mij uit de moederschoot voortgebracht; U deed mij vertrouwen op U.”
• “Als water word ik uitgegoten en al mijn beenderen zijn ontwricht….Nochtans heeft Hij Zijn aangezicht niet voor mij verborgen gehouden, maar heeft Hij naar mijn roep om hulp geluisterd.”
Met welsprekende woorden beschreef David de stortvloed van emoties die de zonde voortbrengt in ons, ons overspoelend met een gevoel van leegte en verlatenheid. Maar hij bevestigt ook, dat God er niettemin toch is en uiteindelijk Zijn gang gaat dwars door onze angst heen.
Toen Jezus voor ons ‘zonde’ werd, stapte Hij de volle schaamte, duistenis en slavernij van die zonde binnen. Het is aannemelijk dat op het moment, toen Hij aan het kruis hing en Gods toorn kwam en de zonde die Hij was geworden teniet deed, Hij zelfs de Vader niet kon zien, Degene met wie Hij door alle eeuwigheden heen gemeenschap heeft gehad. De zonde had Hem verblind en Hij voelde Zich alsof God Hem verlaten had. Maar dat nu is het verschil tussen de gewaarwording van de zonde en de werkelijkheid van God.
Ook wij voelen ons soms op onze donkerste ogenblikken verlaten van God. Dat wil niet zeggen dat Hij ons verlaten heeft, alleen dat we Hem door de duisternis in en om ons heen niet kunnen zien. Echter, de waarheid is dat God er altijd is, en dat Hij nooit Zijn aangezicht afkeert van degenen die van Hem zijn. Het is ondenkbaar te veronderstellen dat Hij dat wel met Christus deed.
Dat Jezus Zich verlaten voelde, laat alleen maar zien in welke mate Hij onze zonde heeft ervaren. Hij ging er helemaal in onder en gedurende een ogenblik in de eeuwigheid wist de Zoon wat het inhield om de Vaderloosheid (het ‘Wees-zijn’) te ervaren. Wat moet dat pijnlijk voor Hem zijn geweest, daar Hij altijd Zijn Vader van aangezicht tot aangezicht had gezien. Het is mogelijk, dat Hij zelfs het zicht op het doel van het kruis was kwijtgeraakt, zo duister was de diepte van de zonde in Hem.
Hoewel Hij Vader niet zag, was Hij er nog wel, in dezelfde mate als Hij er altijd was geweest. Maar omdat Jezus de zonde zelf was geworden, kon Hij de aanwezigheid van de Vader niet meer voelen. En Zijn beleving werd zijn werkelijkheid, toen Hij deel had aan de leegheid en eenzaamheid, die misschien wel de hel zelf definieert. We stuiten hier op een mysterie, dat dieper is dan de Schrift verheldert en we moeten oppassen, dat we dat niet groter maken dan het al is. Maar het lijkt erop, dat er een scheur kwam in de goddelijke eenheid, doordat goedgevonden werd, dat de Godheid in aanraking kwam met zonde. De prijs die betaald moest worden vanwege onze zonde, kwam op rekening van hun verwonding. Wat moet Zijn schreeuw Vaders hart verscheurd hebben, toen het leek alsof Hij de oorzaak was van scheiding in plaats van de bron van liefde.
Maar daar eindigde het verhaal niet.
Uit de diepten
Niet lang na deze schreeuw van verlatenheid gaf Jezus het duidelijkste bewijs van vertrouwen dat we in de geschiedenis van de wereld tegenkomen .
“Vader, in Uw handen beveel ik MIjn geest,”zei Hij tegen de Vader, die Hij niet kon zien. Om een plan te volvoeren dat al zo lang buiten beeld was geraakt. In Zijn uiterste wanhoop en eenzaamheid deed Jezus iets, wat Adam en Eva niet gelukt was, zelfs niet in de eerste en mooiste Hof. Hij vertrouwde Zijn Vader.Hij gaf Zijn hele wezen in de handen van Zijn Vader en blies Zijn laatste adem uit. De gruwel van het kruis had haar einde bereikt. De zonde was teniet gedaan en Zijn lichaam was ‘op’. Maar de doodsadem liet zien dat er een hart was, dat boven elk begrip vol vertrouwen was. De barriere van de dood was overgestoken in een toestand van absoluut vertrouwen en overgave. De macht van de dood zou ook overwonnen worden.
Paulus bevestigt voortdurend dat Gods werk aan het kruis het onweerlegbare bewijs is, dat we geliefd zijn. Het feit, dat God zo ver wilde gaan om ons van onze eigen hardnekkigheid te redden, zodat wij voor altijd Zijn vriend zouden kunnen zijn, waarborgt Zijn motieven jegens een ieder van ons.
”Niet gauw zal iemand sterven voor een rechtvaardig mens...maar God bewijst Zijn liefde voor ons, dat toen wij nog zondaren waren, Christus voor ons is gestorven.” (Rom5:7-8).
Of het nu gaat om de kloek die haar kuikens bedekt voor de grijpende vlammen of de moeder die de bijenzwerm in rent om haar kind op te pakken en mee te nemen, wanneer er zo’n liefde wordt getoond, wie kan er dan nog aan twijfelen? Door Zich tussen ons en onze vernietiging te stellen, wilde God ons laten zien dat we Hem voor alle dingen kunnen vertrouwen. Wanneer de realiteit van het kruis volkomen duidelijk wordt, wordt de wig van de vijand weggenomen.
We hoeven niet meer te aarzelen om deze ongelofelijke Vader en Zijn intenties jegens ons te vertrouwen, vooral niet wanneer we het zicht van wat God in ons leven aan het doen is kwijtraken, of een vraagteken zetten bij Zijn schijnbare passiviteit. In plaats van aan Hem te twijfelen, mogen we aannemen, dat Hij iets groters aan het doen is dan wat wij verwachten en we kunnen met Hem blijven wandelen, in plaats van dat we ons van Hem losmaken.
Het kruis laat niet alleen Gods bereidheid zien om ons tot de uiterste prijs lief te hebben, maar Jezus liet ons ook zien, hoe we in dat vertrouwen kunnen leven – “...In Uw handen beveel Ik Mijn geest”. Als ik niet begrijp wat God aan het doen is, als het gewoonweg een zooitje in mijn leven is, als ik me alleen en leeg voel, kan en zal mijn reactie steeds mogen zijn:”..in Uw handen beveel ik mijn geest.”
Het geloof van Jezus
De erfenis van het kruis is een leven dat gekenmerkt wordt door vertrouwen. Ze bevrijdt ons van de slavernij van de zonde, die maakt dat we ons minder geliefd voelen en ons ertoe drijft dat te compenseren, om de zekerheid te verkrijgen, dat we geliefd zijn door de God van het heelal. Dit is het geloof, waartoe we geroepen zijn, om daarin te leven. En het is niet eens van onszelf.
Er zijn maar weinig bijbelvertalingen die Galaten 2:20 juist hebben vertaald uit het oorspronkelijke Grieks. Paulus schreef:”Ik ben medegekruisigd met Christus en ik leef niet meer, maar Christus leeft in mij. Het leven dat ik in dit lichaam leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en Zich voor mij heeft overgegeven.”
Het merendeel heeft het als volgt vertaald:”…het leven dat ik leef in dit lichaam, leef ik door geloof in de Zoon van God.” Ze kunnen niet bevatten, wat Paulus bedoeld kan hebben “met het geloof van Jezus”. Dus vertalen ze het met “geloof in de Zoon van God”, aangezien een aantal andere teksten spreken over het belang van ‘geloven in Hem’. Maar Paulus heeft het hier over iets anders. Er is geen dubbelzinnigheid in de oorspronkelijke taal over het onderscheid tussen waar ons geloof op gericht moet zijn en aan wie het toebehoort. Het is duidelijk, dat het om de tweede gaat. Met andere woorden, Paulus zegt, dat hij leeft vanwege “het geloof van Jezus”, en niet door genoeg van zijn eigen geloof bij elkaar te rapen.
Wat is dat een bemoediging! Hoe vaak voel je je niet zwak in het geloof? Probeer maar zo goed als je kunt om te geloven, het glipt steeds weer tussen je vingers door. Hoe kan je ook bijeen rapen, wat je al kwijt bent? Hoewel ze gelijk kunnen hebben, helpt het zelden, als mensen ons vertellen, dat we gewoon meer op Jezus moeten vertrouwen. Dat is natuurlijk waar, maar hoe kan ik meer op Hem vertrouwen dan ik nu doe?
Hier is het antwoord. Paulus zag, dat zijn leven eindigde toen het leven van Christus eindigde aan het kruis. Daarna leefde hij niet eens meer door Zijn eigen menselijke geloof. Hij liet Jezus in zich leven. Hij liet het vertrouwen dat Jezus had op de Vader voor het zijne in de plaats komen.
Mijn vrouw en ik hebben dat ook gedaan. Tijdens de zwaarste beproevingen van onze reis, hielden we elkaar vast in de storm; soms waren we boven ons vermogen verlamd door de omstandigheden. Soms hebben we, terwijl de tranen over onze wangen biggelden, gewoonweg gebeden:”Jezus, we kiezen ervoor om in de liefde van Vader voor ons te geloven, omdat U dat ook deed. Geef ons Uw geloof om nu op dit moment stand te houden en U te vertrouwen.”
Het is verbazingwekkend hoe die eenvoudige daad in ons werkt. Het zet een kracht vrij die verder reikt dan ons kunnen of verstand. Onze ogen zien helderder en ons hart is in staat om beter vol te houden. Antwoorden die wij dachten nodig te hebben, waren niet meer belangrijk. Zijn aanwezigheid en wat Hij wilde doen bleken op zich al voldoende te zijn in de storm. Tenslotte begonnen we Zijn hand te herkennen, die iets groters in ons leven deed dan we aanvankelijk verwachtten.
Een leven in vertrouwen
De apostel Johannes vertelt ons dat dat het geheim was van leven in Zijn koninkrijk. Hij zei dat hij zijn evangelie had geschreven, opdat zij die het zouden lezen ”zouden geloven, dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en dat wij, door dit te geloven, leven zouden hebben in Zijn naam” (Joh. 20:30-31.
We hebben afbreuk gedaan aan dit vers door de populaire opvatting dat geloven in Jezus als de Christus een bevestiging is van de juiste leer. Als iemand verstandelijk instemt met het feit, dat Jezus de Christus is, dan ‘heeft’ men Zijn leven. Daar heeft Johannes het niet over. Het woord, dat we met ‘geloven’ vertaald hebben is niets anders dan de werkwoordsvorm van ‘geloof’. Misschien dat het woord ‘vertrouwen’ de vollere betekenis beter tot uitdrukking brengt.
Johannes moedigt mensen niet aan om de juiste geloofsbelijdenis uit te spreken. Hij nodigt ons uit in te zien, wat God ons al in de Hof wilde leren: dat we Hem volkomen kunnen vertrouwen. Johannes koos juist die gebeurtenissen in het leven van Jezus uit, die ons opwekken om te geloven wie Hij is en in dat geloof (lees: ‘vertrouwen’) dagelijks te leven, om zo het leven van God te ervaren. We komen niet in Zijn koninkrijk door een zondaarsgebed te bidden, naar voren te gaan in een religieuze samenkomst of een orthodoxe geloofsbelijdenis uit te spreken, maar door erop te vertrouwen Wie Hij is en door iedere dag in dat vertrouwen te leven.
Degenen die dat doen vinden Gods leven, zelfs in een gebroken en gevallen wereld. Wat God in Christus aan het kruis tot stand bracht, versloeg niet alleen onze zonde, maar stelt ons ook in staat om een leven van vertrouwen op te bouwen. Hij houdt van je, op een absolute en volkomen manier en dat zal Hij iedere dag van je leven doen zolang als je hier op aarde bent, en in de toekomende eeuw.
Op het moment dat Jezus zich overgaf aan de dood aan het kruis, werd Gods overwinning over zonde en dood zeker gesteld. Wat er drie dagen later gebeurde, bekrachtigde alleen het werk dat Hij al had volbracht. God wekte Hem op uit de dood, omdat Hij die al overwonnen had door Zijn innige vertrouwen in Zijn Vader en zo werd Hij de eerstgeborene van een compleet nieuw ras van mannen en vrouwen.
Nu kunnen wij leven als een volk dat geliefd is. We worden niet meer in het nauw gebracht door de behoefte om God tevreden te stellen. We zijn nu vrij om in Zijn liefde te leven en zoals we zullen zien, zal dat alles wat te maken heeft met hoe we denken en leven volkomen veranderen.
“Ik ben samen met Christus aan het kruis gestorven. Daarom leef ik zelf niet meer, maar Christus leeft in mij. Zolang ik nog in dit lichaam ben, leef ik door het geloof van de Zoon van God. Hij hield zoveel van mij, dat Hij Zijn leven voor mij heeft gegeven.”
-Gal. 2: 20
Vragen voor je persoonlijke reis:
• Wanneer vind je het makkelijk om God te vertrouwen en wanneer vind je het moeilijk?
• Hoe kan het voorbeeld wat Jezus gaf, jou aanmoedigen om God te vertrouwen wanneer Hij ver weg lijkt te zijn?
• Aangezien het Zijn geloof is, waardoor wij willen leven, vraag Jezus daarom je te leren, hoe je vertrouwen kan groeien en hoe je je hoop op Hem kan vestigen, zodanig, dat ze werkelijker zal zijn dan je omstandigheden en je gevoelens.
“Wat wij ook doen, het is omdat we er door de liefde van Christus toe gedrongen worden. Als wij geloven, dat Christus voor ons allen gestorven is, moeten wij ook geloven, dat wij – wat ons oude leven betreft – gestorven zijn. Hij is gestorven, opdat allen die van Hem eeuwig leven kregen, niet langer voor zichzelf zullen leven, maar voor Christus, die voor hen gestorven en weer levend geworden is.”
- 2 Cor. 5: 14-15
Voor bespreking in de kleine groep:
• Hoe anders zou je leven zijn, als je absoluut, volkomen op God vertrouwde voor alle dingen in je leven?
• Op welk gebied lijkt de duisternis je te omsingelen en het je moeilijk te maken in te zien wat God in jou aan het doen is?
• Hoe kan Jezus’ werk aan het kruis jou de basis verschaffen om Hem door alles wat in het leven op je afkomt heen te vertrouwen?
• Bidt voor elkaar, dat God je onderwijst in de dingen van alledag, wat het inhoudt om erop te vertrouwen, dat Hij met je is en Zijn wil in je uitwerkt.
Ga naar hoofdstuk 17
| |
| | |

Lifestream Homesite van de schrijver Wayne Jacobson (Engels)
Contact Contact mogelijk met de vertaler Coen Groos of met de webmaster Mirjam Slootweg alias Cybermier
| |  | | |
De schrijver, Wayne Jacobson, heeft vaak gezegd dat ‘HE LOVES ME’ het belangrijkste boek is dat hij ooit heeft geschreven. Het is zijn verlangen dat dit boek voor iedereen beschikbaar is. Leren leven vanuit de dagelijkse ervaring van Vaders liefde en niet vanuit een prestatie-gerichtheid die voortkomt uit een religieus plichtsbesef. Dit zal je leiden naar een intiemere vriendschapsrelatie met Hem. Het zal je diepste innerlijk raken en je volkomen veranderen. Het zal je vrijzetten om Hem in de wereld bekend te maken door met anderen deze reis te delen en je zult ervaren hoe fantastisch het leven van een christen kan zijn.
Deze vertaling van ‘HE LOVES ME’ (van Wayne Jacobson) wordt je gratis aangeboden. Hoewel er copyright op rust, mag je het via de elektronische weg of in geprinte vorm doorgeven aan anderen, als je er maar geen geld voor vraagt en niets aan de inhoud verandert.
| | |
|