|
|  | | |
Hoofdstuk 13
De kloek en haar kuikens
Ik had het christelijke geloof volkomen verkeerd begrepen. Ik merkte dat Jezus sterk was, wanneer ik verbroken, zonder kracht en zwak was. Pas toen ik aanvaardde dat ik te weinig geloof had, kon God mij geloof geven.
-Mike Yaconelli in “Abba’s Child’
De bosbrand was onder controle gebracht en de brandweerlieden zorgden ervoor dat alle vuurhaarden gedoofd waren. Terwijl ze door het zwartgeblakerde landschap liepen, tussen de rookslierten door die van de smeulende overblijfselen kwamen, zag een van de brandbestrijders een grote hobbel op het bospad liggen.
Toen hij dichterbij kwam, zag hij dat het het verkoolde overblijfsel was van een grote vogel. Omdat vogels makkelijk kunnen wegvliegen voor de naderende vlammen, vroeg de brandbestrijder zich af, wat er met die vogel aan de hand was geweest, dat hij niet had kunnen ontsnappen. Was hij ziek geweest of gewond?
Hij liep naar het karkas toe om het met z’n laars van het pad af te schoppen. Op het moment dat hij dat wilde doen, werd hij echter opgeschrikt door wild gefladder bij zijn voeten. Vier kleine vogels fladderden uit het stof en de as weg, de heuvel af.
Het grootste gedeelte van het lichaam van de moedervogel had hen bedekt voor de laaiende vlammen. Hoewel de hitte erg genoeg was geweest om haar te verteren, hadden de jonge vogels bescherming gevonden onder haar lichaam. Ondanks het vuur was ze bij haar jongen gebleven. Zij was hun enige hoop op veiligheid en omdat ze bereid was haar eigen leven te riskeren, had ze hen verzameld en bedekt met haar eigen lichaam. Zelfs toen het door de pijn vrijwel ondraaglijk was geworden, en ze gemakkelijk weg had kunnen vliegen om elders opnieuw een nest te beginnen bleef ze zitten, temidden van de woedende vlammen.
Haar dode karkas en haar vluchtende jonkies vertelden een duidelijk verhaal: zij had het ultieme offer gebracht om haar jongen te redden. Het illustreert ook een nog grootser verhaal: en dit verhaal is haast niet te vatten. In dit verhaal gaat het om de Schepper van hemel en aarde, die precies hetzelfde doet om Zijn weerspannige kinderen te redden van de ondergang.
De ergste vloek
Jezus was omringd door Zijn ergste vijanden. Niemand zorgde voor meer last dan de oudsten en de Farizeeers in Jeruzalem. Het leek erop dat hun enige prioroteit was, het beschermen van hun positie in de maatschappij en te proberen af te rekenen met deze wonderwerkende leraar, het ene moment door een mengeling van afgunst en minachting en het andere moment door geveinsde bijval wanneer ze bang waren voor het volk. Als we zeggen, dat zij de meest onoprechte mensen waren, met wie Hij te maken kreeg, zou dat een zwakke uitdrukking zijn. Zij camoufleerden altijd hun ware motieven en daden, om heiliger te lijken dan zij in werkelijkheid waren.
In Zijn laatste woorden gericht tot Jeruzalem, enkele dagen voor Zijn dood, ontmaskert Hij hen: huichelaars, die het werk van de liefhebbende God tot een religie hadden gemaakt, die zij misbruikten voor hun eigen zaak en hun gevoel van belangrijk-zijn.
Hij stelde ze aan de kaak, omdat ze mensen afhielden van de werkelijkheid van het Koninkrijk, omdat ze bekeerlingen maakten die ze vervolgens nog meer gebonden maakten, omdat ze hun prioriteiten verkeerd legden, omdat ze deden alsof ze rechtvaardig waren, aan de buitenkant, terwijl ze van binnen vol waren van het kwade, omdat ze de ‘oude’ profeten verheerlijkten en de profeten van hun tijd verwierpen.
De laatste aanklacht was zeer ernstig. “Jullie adderengebroed,” noemde Jezus hen, “hoe willen jullie het oordeel van de hel ontlopen?” In de komende tijd zou God opnieuw Zijn boodschappers zenden, maar zij zouden hen martelen en doden. Jezus waarschuwde hen, dat zij vanwege hun daden verantwoordelijk gehouden zouden worden, omdat ze “schuldig waren aan al het rechtvaardige bloed dat op aarde vergoten was”.
Wat een vloek! Ze zouden verantwoordelijk gehouden worden voor het bloed van elke rechtvaardige vanaf de dag, dat Kain zijn broer Abel doodsloeg. Hij kon de gevolgen daarvan al zien neerkomen op hen, als een toornige vuurstorm, die hen zou verteren in hun zonde.
Vind je ook niet, dat deze woorden helemaal niet bij Jezus horen? Zijn boodschap van liefde en vergeving hadden het land geraakt en enkelen van de meest zondige mensen van die tijd tot Hem getrokken. En toch werden deze reiligeuze leiders door hem veroordeeld door de meest verschrikkelijke uitspraken. Had Hij ze volkomen verworpen?
Op het eerste gezicht lijkt dat zo te zijn, maar kijk eens even nauwkeuriger. Al lijkt het erop, dat Hij behagen schept in hun aanstaande vernietiging, toch biedt Hij aan om Zijn leven te riskeren om zo deel te hebben aan hun redding. In woorden die zowel poetisch als ‘to the point’ zijn, doet Hij ze een ongelofelijk aanbod.
Onder Zijn vleugels
‘O Jeruzalem, Jeruzalem, stad die de profeten vermoordt en de mannen die naar haar zijn toegestuurd, dood gooit met stenen! Hoe vaak heb Ik uw kinderen bij elkaar willen brengen, zoals een hen haar kuikens onder haar vleugels bijenbrengt. Maar u hebt het niet gewild!
- Mattheus 23: 27
Ze hadden God en de boodschappers die Hij had gestuurd verworpen. Ze hadden de zwaarste veroordeling voor hun daden verdiend en toch wilde Jezus hen tot Zich trekken en hun vernietiging dragen. Hun stad zou worden veroverd en hun kinderen zouden worden vernietigd als gevolg van een zelfzuchtig leven, in plaats van te vertrouwen op de Levende God.
Jezus riep hetzelfde beeld op, als wat de brandbestrijder in het bos had gezien. Hij stelde zichzelf voor als een kloek die probeert haar kuikens bij zich te roepen om hen te beschermen. Dat gebeurt alleen wanneer er gevaar voor hen dreigt. Een kloek zoogt haar kleintjes niet en ze knuffelt hen ook niet in slaap. Maar als er een roofdier aankomt of het kippenhok vat vlam, dan zal ze proberen ze onder haar vleugels te verzamelen. Ze trekt hen dan onder zich en bedekt hen met haar lichaam, daarbij haar eigen eigen leven riskerend voor hun veiligheid.
Jezus kon de vuurstorm die het gevolg was van hun eigen zonde Jeruzalem al zien naderen. Deze zou hen volkomen verslinden. Zelfs hoewel velen enkele dagen later om Zijn kruiiging zouden schreeuwen, wilde Hij hen redden. Net zoals de kloek, bood Hij hen een veilige plek aan onder Zijn vleugels, bereid om het vuur te verdragen tot aan de dood toe, om een ieder die wilde komen te redden.
Waar het zo makkelijk voor Hem zou zijn geweest om hen aan hun lot (wat zij verdienden) over te laten, zou Hij blijven om het naderende vuur in al haar hevigheid onder ogen te zien. Wat beweegt een vogel te blijven zitten, met haar kleintjes onder haar vleugels, wanneer het vuur steeds dichterbij komt en vervolgens haar nek en rug verschroeit? Hoe was het mogelijk dat God Zelf de furie van Zijn toorn vanwege onze zonden verdroeg en tot aan het einde toe op Zijn plek bleef, opdat degenen die onder ‘Zijn vleugels’ zaten gered zouden kunnen worden?
“Maar jullie wilden niet.” Het verhaal kende een tragisch einde voor hen die rond Jezus stonden op die dag. Niet bereid om tot Hem te komen, zouden ze het vuur zelf moeten verdragen tot het bittere einde. Ik betwijfel of er woorden zijn die het hart van de Vader meer doen breken dan deze. Na alles wat Hij voor hen had gedaan om hen te verlossen uit de verwoestingen van de zonde, wilden ze niet komen.
Niet alle kuikens rennen naar hun moeder toe als er gevaar is. Sommigen worden opgepeuzeld, of doordat ze door angst verlamd worden of doordat ze op eigen houtje proberen zich te redden. Ze kan niet achter ieder kuiken aanrennen om ze te verzamelen. Zij moeten naar haar toe komen. Dat is alles wat de jonge kuikens in het bos hadden gedaan om veilig te zijn. Ze hoefden het niet te verdienen, alles wat ze moesten doen was onder de vleugels van de moeder kruipen voor bescherming.
Degenen die dat deden werden gered. Degenen die dat niet deden werden opgegeten. Het maakte niet uit of ze vonden dat ze een ‘beter’ idee hadden. Het maakte ook niet uit of ze dachten dat ze hard genoeg konden wegrennen. Het enige wat telde was dat ze bereid waren de roep van hun moeder te vertrouwen.
De meeste mensen in Jeruzalem in die tijd wilden Jezus’ roep niet accepteren en zouden het komende vreselijke oordeel op hun eigen voorwaarden moeten trotseren.
Maar het verhaal hoeft voor jou niet op die manier te eindigen. Als je wilt kan je alle manieren om jezelf te redden opgeven en naar Hem toe rennen. Hij zal je naar Zich toetrekken, onder Zijn vleugels, en op Zich nemen wat jij nooit zou kunnen verdragen.
Grenzeloos geduld
Kijk eens even hoeveel onze keuze in Christus lijkt op de keuze die Adam en Eva in de Hof moesten maken. Als zij op de liefde van de Schepper voor hen hadden vertrouwd, hadden ze niet hoeven terugvallen op hun eigen werkwijze om op God te lijken. Maar vanaf het moment, dat ze begonnen te twijfelen aan Zijn liefde, konden ze alleen nog maar terugvallen op hun ‘wijsheid’, die jammerlijk onvoldoende bleek te zijn.
De oudsten in Jeruzalem stonden (ook) voor zo’n keuze. Zouden ze vertrouwen op hun eigen religieuze manier om zichzelf te redden, of zouden ze op Gods werk in Jezus vertrouwen? Onthoudt, dat het hier niet ging om genotzuchtige mannen die hun lusten botvierden in openlijke zondige daden. Neen, de misleiding voor hen was net zoals die voor Adam en Eva. Dit waren mannen die godvruchtig probeerden te zijn, althans zo dachten ze. Zij hielden zich aan lastige rituelen en tradities, omdat ze dachten, dat ze daardoor op God zouden gaan lijken. Ze verachtten werelds genot om zo Zijn goedkeuring te krijgen. Maar ‘goed zijn’ was niet genoeg.
Ze probeerden nog steeds zichzelf te redden en ze zouden net zo in de moeilijkheden komen als Adam en Eva. Ongeacht hoe rechtschapen ze er aan de buitenkant ook uit zouden zien, het zou hen niet dichter bij God brengen. Ze vertrouwden nog steeds op wat zij deden, in plaats van op Hem.
Jezus ontmaskerde dat het duidelijkst, toen Hij een van hen riep. Paulus, die eerst Saulus werd genoemd, was opgegroeid als leerling-Farizeeer. Alles in zijn leven was afgestemd op hun gedragscode, zo zelfs, dat hij later kon zeggen, dat niemand zo had geijverd voor God als hij. En wat betreft de gerechtigheid volgens de wet, was hij onberispelijk. Met zo’n indrukwekkend getuigschrift zou je denken dat hij zeer geschikt was voor Gods werk.
Vuilnis! Zo noemde Paulus die gedachtengang. Het was roemen in het vlees, zei hij, en dat vlees had hem niet gered. Het had zijn zonde alleen maar nog dieper onderhuids geschoven. Hoewel hij een van de meest rechtvaardige mensen in zijn tijd leek te zijn, was hij in werkelijkheid vol zonde. Hij noemde zichzelf de ergste zondaar, omdat zijn religieuze buitenkant alleen maar een dekmantel was voor de zonde die hem van binnenuit vernietigde. Hij noemt zichzelf een ‘godslasteraar en een vervolger en een gewelddadig persoon’.
Vergis je niet, deze uitspraak van hem was niet alleen maar een stuk nederigheid uit de mond van een man van genade. Paulus probeert iedereen die maar wil luisteren ervan te overtuigen, dat zelf-gerechtigheid helemaal geen gerechtigheid is. Gedreven als hij was geweest om een lid van de geestelijke elite van zijn tijd te zijn, kwam hij er achter dat hij diep in zonde leefde. Toen Jezus op zijn weg kwam, was hij in feite Gods volk aan het vermoorden, terwijl hij dacht, dat hij Gods werk aan het doen was.
Waarom redde Jezus Paulus? In de woorden van Paulus:”Maar God heeft mij vergeven, opdat Jezus Christus mij zou kunnen gebruiken als een voorbeeld, om te laten zien hoeveel geduld Hij heeft. Zo zullen ook anderen beseffen, dat zij eeuwig leven kunnen krijgen.”(1Tim.1:16).
Ik heb mensen ontmoet die ervan overtuigd waren, dat zij veel te slecht waren voor God dat Hij hen nog zou willen toelaten. Ik heb vaak op deze tekst gewezen en hen gevraagd of zij iets hadden gedaan, dat erger was dan wat Paulus had gedaan. En ik heb nog nooit iemand ontmoet, die daar een bevestigend antwoord op gaf. God heeft Paulus gered, en dus kan de meest gebroken, kapotte en zondige persoon onbelemmerd naar Hem toe rennen, om onder Zijn vleugels te schuilen. Alles wat ze hoeven te doen, is ‘komen’.
Een echte bedekking
Toen God Adam en Eva uit de Hof wegstuurde, keek Hij vol mededogen naar hun bedekking. Hij nam hun ‘ondergoed’, gemaakt van vijgenbladeren weg, en gaf hen kleding ('bedekking') gemaakt van dierenhuiden. Dat was niet alleen een daad van mededogen, het had ook een profetische betekenis. Het bloed, dat die dag voor hen vergoten werd, getuigde van een dag in de toekomst, waarop de dood van Jezus voor de bedekking zou zorgen die ze werkelijk nodig hadden.
Schaamte smeekt om een bedekking. We hebben al gezien, dat schaamte zich uit door anderen de schuld te geven - zelfs God geven we de schuld - voor de keuzes die we zelf gemaakt hebben, en voor onze eigen zwakheid. En nu zien we hoe schaamte religie voor hetzelfde doel kan gebruiken. We leven in een wereld waarin iedereen (be-)dekking zoekt om zichzelf te beschermen. Daardoor kunnen relaties in een geestelijke omgeving zo pijnlijk worden dat men de ander omlaag haalt om er zelf beter door te lijken.
We spannen ons in om beter te zijn dan onze gelijken, zodat we ons beter voelen dan hen. We nemen anderen dingen kwalijk om op die manier onze eigen zwakheden niet onder ogen te hoeven zien. We roddelen over de fouten van anderen, zodat we ons zelf beter voelen. We zoeken zelfs naar religieuze gewoonten die ons een zeker gevoel geven, zodat we de twijfels die ons aanvallen kunnen negeren.
Het lijkt erop, dat we allemaal vastbesloten bezig zijn om onze eigen ontoereikendheid te verbergen en onze eigen zekerheid na je jagen. En wanneer we dat doen, lijken we op kleine kuikentjes die om het brandende kippenhok rondrennen, terwijl ze bladeren op hun kop gooien in de hoop dat dat wel zal helpen.
Maar dat helpt niet. Er is maar een bedekking die ons kan beschermen en redden, en dat is Jezus Zelf. Hij heeft de vuurstorm doorstaan voor ons, zodat degenen die onder Zijn vleugels kruipen daar veilig zullen zijn. Hij is de enige bedekking, die ons ogenblikkelijk bevrijdt van onze schande en schaamte en ons bevrijdt van gebondenheid door de zonde.
Zoek dekking in Hem. Leer vandaag – en voor de rest van je leven -om onder Zijn vleugels te gaan leven. Hoe doe je dat? Door Hem in elke situatie waarin je terechtkomt volkomen te vertrouwen.
Natuurlijk is dat makkelijker gezegd dan gedaan. Als we midden in de moeilijkheden zitten, is het zeer waarschijnlijk dat we aan Gods motieven jegens ons gaan twijfelen. Zou dat de stem van de slang kunnen zijn, die ons weer iets in het oor fluistert? “Als God je niet geeft wat jij vindt dat nodig is, dan moet je het misschien zelf pakken?”
Op onze ‘eigen wijsheid’ vertrouwen is zo gemakkelijk, dat we het al doen voordat we er erg in hebben. Er is maar een plek, waar we het verrtrouwen op God, dat aan stukken viel in Eden, terug kunnen vinden: bij het kruis van Jezus Christus. Zijn bereidheid om Zijn leven te geven voor het onze, levert het onweerlegbare bewijs van Zijn liefde voor ons, voor jou.
Als je begrijpt, wat er werkelijk aan het kruis is gebeurd, zal je weten hoeveel er van je gehouden wordt. Als je weet hoeveel er van je gehouden wordt, zal Hem vertrouwen net zo makkelijk zijn als ademhalen.
“Wat mijzelf betreft, ik zal alleen maar hoog opgeven van onze Heer Jezus Christus, die aan het kruis gestorven is. Samen met Hem is de wereld voor mij dood en ben ik voor de wereld gestorven.”
-Galaten 6:14
Vragen voor jouw persoonlijke reis:
• Op welk gebied probeer jij jezelf te redden, door je eigen vindingrijkheid te gebruiken ten einde te overleven, in plaats van dat je erop vertrouwt, dat Jezus je zal leiden zoals Hij dat wil doen?
• Is Zijn grenzeloze geduld niet verbazingwekkend? Zelfs na onze ergste daden, staat Hij klaar om ons te bedekken met Zijn vleugels en ons veilig te laten zijn in Hem.
• Vraag Hem je te laten zien, wat dat voor jou persoonlijk wil zeggen en je te leren hoe je elke dag en in elke omstandigheid kunt leven in het vertrouwen, dat Hij van je houdt.
Voor bespreking in de kleine groep:
• Wat heb jij kunnen halen uit het verhaal van de kloek en haar kuikens?
• Heb jij ooit religie gebruikt als een middel om je schaamte te bedekken? Hoe?
• Wat vind jij makkelijker: onder Zijn vleugels rennen of uitvissen hoe je de dingen zelf kunt doen? Hoe komt dat denk je?
• Geef eens een voorbeeld van Gods grenzeloze geduld en dank Hem samen in gebed voor Zijn geweldige trouw, ook voor de zwaksten onder ons.
Ga naar hoofdstuk 14
| |
| | |

Lifestream Homesite van de schrijver Wayne Jacobson (Engels)
Contact Contact mogelijk met de vertaler Coen Groos of met de webmaster Mirjam Slootweg alias Cybermier
| |  | | |
De schrijver, Wayne Jacobson, heeft vaak gezegd dat ‘HE LOVES ME’ het belangrijkste boek is dat hij ooit heeft geschreven. Het is zijn verlangen dat dit boek voor iedereen beschikbaar is. Leren leven vanuit de dagelijkse ervaring van Vaders liefde en niet vanuit een prestatie-gerichtheid die voortkomt uit een religieus plichtsbesef. Dit zal je leiden naar een intiemere vriendschapsrelatie met Hem. Het zal je diepste innerlijk raken en je volkomen veranderen. Het zal je vrijzetten om Hem in de wereld bekend te maken door met anderen deze reis te delen en je zult ervaren hoe fantastisch het leven van een christen kan zijn.
Deze vertaling van ‘HE LOVES ME’ (van Wayne Jacobson) wordt je gratis aangeboden. Hoewel er copyright op rust, mag je het via de elektronische weg of in geprinte vorm doorgeven aan anderen, als je er maar geen geld voor vraagt en niets aan de inhoud verandert.
| | |
|